Prostitutie

Rond de Oude Kerk en de Oudezijds Voorburgwal vond vanaf de vroegste geschiedenis prostitutie plaats. Er is een verordening uit 1413 waarin melding werd gemaakt van openbare bordelen en rendez-voushuizen in de stad. In een bepaling uit 1478 stond dat alleen wetsdienaren bordelen mochten exploiteren. Begin 16de eeuw werd dat ook aan burgers toegestaan.

Nadat het katholieke Amsterdam in 1578 overgegaan was naar het protestantisme werd prostitutie strafbaar gesteld. In reactie daarop gingen veel bordelen ondergronds.

Hoerhuizen en oneerlijke herbergen

In de 17de en 18de eeuw vond prostitutie plaats in geheime hoerhuizen, in muziek- en speelhuizen en zogenoemde ‘oneerlijke’ herbergen, maar ook in openbare bordelen. In heel Amsterdam waren zelfstandig werkende prostituees actief.

Reglementeren en gedogen

Begin 19de eeuw, in de Franse tijd, werd prostitutie gereglementeerd. Prostituees en bordelen moesten geregistreerd staan en prostituees hadden de plicht zich om de twee weken medisch te laten controleren. Na het vertrek van de Fransen in 1813 werden de reglementen terzijde geschoven en kwam er weer een periode van gedogen.

Eind 19de eeuw werd een grootschalig onderzoek uitgevoerd naar prostitutie in de stad. In de conclusie stond dat er sprake was van ‘menschonteerenden handel in vrouwen en van de gemeenste vormen van ontucht’. In de bordelen werkten vooral buitenlandse, met name Franse en Duitse prostituees.

Bordeelverbod

Rond 1910 kwam er opnieuw een bordeelverbod. Prostitutie werd voortgezet onder de dekmantel van hotels, modeateliers en sigarenwinkels.

In 1935 telde de stad ongeveer honderdvijftig verkapte bordelen en een flink aantal zogenoemde massage- en schoonheidssalons. Klanten werden ook geworven met advertenties voor ‘conversatielessen in vreemde talen’.

In de omgeving van de Oude Kerk werd de prostitutie wel gedoogd. De vrouwen mochten achter het raam zitten maar dan wel met de gordijnen op een kier.

Toleranter beleid

Vanaf de jaren ‘60 werd het beleid toleranter. In het Wallengebied nam de prostitutie sterk toe. In 2006 werden gemeentelijke vergunningen uitgegeven voor 477 prostitutieramen.

In de Sint Annenstraat waren nog aan beide kanten van de straat prostitutiepanden. In de Sint Jansstraat vond prostitutie vanuit cafés plaats.

De laatste jaren is het gemeentebestuur de strijd aangegaan tegen misstanden in de prostitutie zoals vrouwenhandel en andere vormen van criminaliteit. In februari 2011 besloot het stadsbestuur het aantal raambordelen te verminderen tot 293 ramen en een deel van de vrijgekomen ruimten een nieuwe, bij voorkeur culturele, bestemming te geven.